Start » Forum » Themaforums » Schrijfdoedel » Schrijfdoedel #42

Schrijfdoedel #42

8 reacties [Laatste bericht]
Reinoud Schaats...
beheerder
Laatst aanwezig: 2 uren 40 min geleden
Sinds: 2 Aug 2011
Berichten: 210

Schrijfdoedel #42

Ben je even aan iets anders toe? Schrijf dan een scène of verhaal op de doedel om je creativiteit weer op gang te krijgen. De schrijfdoedel van deze week is:

Schrijf een dialoog tussen een man en een vrouw. Maak pas aan het einde van het verhaal duidelijk waar ze over praten (liefst een zwaar thema). Lees ter inspiratie het verhaal Hills Like White Elephants van Ernest Hemingway.

Plaats jouw verhaal onder dit bericht. Heb je behoefte aan feedback, dan kun je jouw stuk op Proeflezen plaatsen. We zijn benieuwd naar jullie verhalen.

Reacties

Angus
Laatst aanwezig: 31 weken 6 dagen geleden
Sinds: 19 Mei 2012
Berichten: 2025

De rechter

'We hadden misschien samen kunnen bidden, voor jou. Als je het maar verteld had. Als je eerlijk was geweest. Je gevoel had gedeeld.' Ze keek hem niet aan.
'Ja; we hadden misschien samen kunnen bidden.' Hij imiteerde het ritme en de klank van haar woorden. Daar was hij altijd goed in geweest, imiteren van gedrag, aanpassen. Niet opvallen. Onder de radar blijven. Onderdrukken. 'Oh ja!! En jouw God zou het wel begrepen hebben? Jouw God, die mij zo heeft gemaakt?'
'Sorry.' Ze leek er zelf van te schrikken. 'Nee, niets sorry! Besef je wel wat je ook mij en Adriaan en Esther hebt aangedaan? Had gepraat. Dan had ik kunnen kiezen. Hadden wij, jij en ik, kunnen kiezen. Kunnen zoeken. Dan had ik je misschien kunnen helpen.'
Zijn vuist knalde op de tafel. 'Weet je wel hoe hard ik gevochten heb?'
Nu bonkte hij met zijn hoofd op de tafel, drie keer. Hard.
Het hoofd van de man die jarenlang vonnissen had uitgesproken over anderen. Nu machteloos. Zonder decorum, zonder verhullende toga, zonder koude wetboeken. Waren zijn harde oordelen dan daardoor ingegeven, door de stiekeme strijd, de frustratie? Ze vroeg het zich af. Misschien had ze eerde vragen moeten stellen. Ze twijfelde. Nu nog.
'Je had moeten weten dat je nooit alleen had hoeven vechten. Ik had naast je gestaan.'
'Ja, voor het plaatje had je naast me gestaan, ja. Trouwens, had ik misschien moeten biechten, in plaats van bidden. Misschien was ik dan meer begrip tegengekomen. Denk je niet? In zo'n mooie afgeschermde biechtstoel, in zo'n hok, waarin je alleen maar elkaars silhouet kunt zien en niet de verlekkerde gezichtsuitdrukking, de kwijlende bek. Misschien had ik daar mijn fantasieën moeten delen. Dat had misschien mooie gesprekken opgeleverd, denk je niet?'
Ze deinsde terug, geschokt, door de felheid waarmee hij de woorden uitsprak, de toon van zelfmedelijden, de beschuldiging van het vermeende onbegrip, de geveinsde hulpeloosheid, maar vooral door de boosaardige blik in zijn ogen.

'Ik hield van je,' zei ze haast fluisterend, meer tegen zichzelf dan tegen hem, vol ongeloof.
'Hield?'
'Ja, hield. Net nog, iets, dacht ik. Maar je wil het goedpraten, wegredeneren, anderen de schuld geven, het allemaal buiten je zelf leggen. Alsof je geen keuze had. Bah.' Haar hand balde zich niet, maar strekte een wijsvinger die meer indruk maakte, oprechter was.
'Maar ik kan er toch niks aan doen!' Weer danste de tafel onder een gefrustreerde klap.
'Nee, nu niet meer.' Haar gezicht kreeg een harde uitdrukking.
'Ik ga. Ik kom niet meer terug. Ze was even oud als Esther, godverdomme!'
Het was zijn beurt om terug te deinzen. Nooit eerder, had hij haar horen vloeken.

Nooit eerder, had iemand zo beslist de bezoekersruimte verlaten.

Opportunistisch atheïst; ik bid niet, maar vloek wel.
Er gaat niets boven eigen tuin (Bernhard de Vries)

froukje
Laatst aanwezig: 42 weken 13 uren geleden
Sinds: 4 Feb 2013
Berichten: 204

Morgen

Morgen?
- Morgen.
Mag ik ...
- Beter van niet.
En mama?
- Ze gaat met oma naar de Floriade.
Ze verdient het om het te weten.
- Ze verdient een beter leven.
Ze heeft een goed leven.
- Nog wel. Nu nog wel.
Dus ze weet het niet.
- Hier hebben we het over gehad. Ik wil het niet. Het is beter zo.
Denk je nu echt dat ze beter af is? Ze houdt van je.
- Precies. Juist daarom.

Pap...
- Niet doen, niet nu.
Niet nu? Wat dan? Wanneer dan? Morgen?
- Lieve schat ...
Oke oke, ik weet het. Jouw leven, jouw ziekte, jouw einde.
- Je weet dat ik van je hou.
Jaja, ik weet het.
- Nou, dag dan maar.
Ja, dag.

Pap?
- Ja?
Ik ook van jou.

dwe
Laatst aanwezig: 1 dag 12 uren geleden
Sinds: 10 Jul 2011
Berichten: 797

Wietze en Lise maken een wandeling door het bos. Het duurt niet lang meer totdat het donker wordt. Ze hebben nog niet gegeten maar er is een pannenkoekenrestaurant op tien minuten loopafstand.
'Wietze, heb jij een favoriete boom,' vraagt Lise.
'Wat bedoel je, een boom als vriend, om mee te praten, zoals die prinses?'
'Of een boomsoort.'
'Een Kastanje, misschien.'
'Ik dacht al dat je dat ging zeggen.'
'Waarom, vindt je mij een Kastanje type?'
'Ik bedoelde het woordje misschien.'
'Weet jij al wat je op je pannenkoek wilt?'
'Mosterd.'
'Gadverdamme!'
'Ik heb meer zin in een kroket dan een pannenkoek. Of een frikadel.'
'Je zit me te stangen, hè?'
'Mijn favoriete boom is een eik. Die zijn tenminste hard. En lekker knoestig.'
'Lise...'
'Ja?'
'Fuck you.'

O

Mirandala
Laatst aanwezig: 9 uren 28 min geleden
Sinds: 5 Sep 2012
Berichten: 2533

(waarschuwing: bevat zeugmata)

De vuilnisbak zat vol, zag de vrouw. Hoewel aangedrukt, zat het deksel net niet helemaal dicht en ze zag een paar fruitvliegjes dansen langs het groen. Ook zonder de lucht wist ze wat dat betekende.
Hij zag haar kijken. ‘Ik verschoon de zak straks, ik ben er nog niet aan toegekomen.’ Ze trok haar jas uit en zette de boodschappen weg. De dertiger staarde in de koelkast.
‘Moontje, waar is dat sixpack gebleven?’
'Die heb ik al een tijd niet meer bij je gezien, inderdaad.’ Ze pakte de aardappels.
'Heel leuk, je weet dat ik niet kan sporten met mijn hamstring.'
'O. Ik dacht dat je zo’n last van je sixpack had.’ Ze liep naar de koelkast en schoof hem en een pak met ‘drie rookworsten voor de prijs van twee’ opzij. ‘Hier. Het zijn er nog maar vier, trouwens. Of kun je ook niet meer tellen, door je hamstring?’
'Ik bedoelde een nieuwe. Wat heeft mijn hamstring nou weer met een sixpack te maken? Echt hoor, af en toe klets je zo vreselijk uit je nek.’
‘We eten zuurkool met worst, over hamstrings gesproken. De rookworst was in de aanbieding vandaag.’
‘Gatver. Nou, ik heb toch geen trek.'
‘Nee, dat zal wel niet.’ Ze liep naar het aanrecht en ging verder met schillen. Hij trok een blikje open en dronk, boerde toen.
‘Was het druk bij de Ap of zo? Je hebt maar weinig boodschappen gehaald, eigenlijk.’
'Gewoon, wat we nodig hadden toch.’ Ze schilde de aardappels sneller. ‘Heb je nog een was gedraaid vandaag? Ik zit aan mijn laatste werkblouse voor morgen.’
'Nee, vergeten. Morgen maar. Je had er toch wel een paar mee kunnen nemen in je fietstas.’
Met een klap gooide ze het vergiet onder de kraan. ’Had gekund, ja.’

Ze sneed de aardappels in kleine stukken en gooide ze in de pan. Hij leunde tegen de koelkast en stond even dicht tegen haar aan toen zij er een rookworst uitpakte. Ze ademde in door haar mond en draaide van hem weg.

‘Die hadden niet in de koelkast gehoeven hoor, rookworsten zijn vacuüm verpakt,’ zei hij en lachte naar haar. ‘Zo’n warhoofd ben je af en toe, niet normaal.’
'Tja, niet zo raar hè.’
‘Nou ja, ik zei toch dat ik niet hoefde. Ik heb een pesthekel aan zuurkool, dat weet je.’ Hij opende de koelkast en nonchalant een volgend blikje. ‘O jee, een spuitertje.’
Ze gooide het deksel op de pan.
‘Nou nou, het hoeft niet kapot.’
‘Heb je nog wat gehoord van die sollicitatie?’
Hij zuchtte. ‘Moeten we het daar echt nu over hebben? Je bent net thuis. Nee, nog niets. Waar zijn je fietssleutels dan?’ Hij kneep in het blikje en gooide het in de vuilnisbak, het deksel weer aandrukkend.
‘Op tafel. Ik ga douchen, ik heb de kookwekker gezet. Giet de aardappels af als het belletje gaat, wil je. O, trouwens, ik snap het al, laat maar.’
Ze liep achter hem aan de gang in en de trap op. Ze hield haar ogen dicht liet het water over haar hoofd stromen. Zo stond ze stil, pas na een paar minuten waste ze zich snel, kleedde zich aan en lag toen even op bed, haar ogen open. Het plafond moest nodig gewit. Toen beneden het belletje ging, stond ze op en liep naar de keuken. Hij was nog niet terug.

Raages
Laatst aanwezig: 19 weken 4 dagen geleden
Sinds: 5 Apr 2013
Berichten: 46

Twee of drie?

Terwijl zijn vrouw hun baby verschoonde, ging hij vast tafeldekken.
"Wil je er twee of drie?, vroeg hij haar terloops.
"Ik wil er drie", zei de vrouw stellig.
De man keek zijn vrouw onderzoekend aan en zei: "Zeg nu zelf. Twee is toch beter dan drie?"
-"Ach, kom nu, ik heb er altijd drie gewild."
"Dat weet ik wel. Je hebt dat vaak genoeg gezegd. Maar als je er nu nog eens goed over na zou willen denken, dan wijzig je je standpunt misschien wel."
-"Vooralsnog zie ik geen enkele reden daartoe."
"Nu ja, het kost in elk geval minder."
-"Alsof ik dat van enig belang vind."
"Vandaag de dag hoeven we nog niet naar het geld te kijken, maar later zal je daar wel het belang van inzien. Let maar op."
-"Wie dan leeft, die dan zorgt, denk ik maar."
"En je figuur dan, heb je daar al eens bij stil gestaan?
-"Maak je over mijn figuur maar geen zorgen, daar kijk ik zelf wel naar. Ik denk dat jij niet kunt hebben dat ik van drie meer zal genieten dan van twee."
De man zat na te denken en bedacht opeens: "Het is ook beter voor het milieu, als je er maar twee neemt."
De vrouw schudde haar hoofd en zei: "Hallo zeg. Denk jij nu echt dat die ene boterham meer of minder bij de lunch iets uitmaakt voor het milieu?"
Ze legde het kind in de wieg en ging aan tafel zitten.

Een zin vol woorden hoeft nog niet zinvol te zijn.

zebrimove
Laatst aanwezig: 1 jaar 1 week geleden
Sinds: 25 Sep 2008
Berichten: 3

Vraagteken

‘Goedemorgen. Ik huilde weer eens. Maar toen ik opzij de tuin inkeek zag ik voorjaarsbloemen en ik vond ze mooi. Vooral die ontluikende tulp in twee kleuren. Wanneer je ook blij kunt zijn ben je niet depressief. Dat zei u toch de vorige keer?’ De vrouw kijkt de dokter vragend aan.
‘Waar moest je aan denken toen je huilde?’ informeert hij.
‘Ik dacht: Waar komt dit verdriet nu vandaan? Ik voel na al die ondernemingen van mij om mijn psyche te doorgronden geen wrok naar wie dan ook. Ik heb last van een groot vraagteken. Een vraagteken over het leven, waarom het is zoals het is. En het frustreert me om het antwoord niet te hebben. Ik voel me een vrolijke stoomlocomotief die plots tot stilstand is gekomen’.
‘Slaap je goed?’ vraagt de dokter.
‘Niet meer ononderbroken. En toen ik vanochtend wakker werd was het er weer. Die paniek. Een angstbommetje dat kort ontploft ongeveer onder mijn hart. En het gevoel: Nee, ik wil niet want ik weet het niet! Ik hoopte dat ik weer in slaap zou vallen. Raar, ik hield altijd van vroeg opstaan. De sfeer van de vroege ochtend is zo heerlijk rustig. Maar alsof ik verlamd ben komt er niets in beweging. Eigenlijk wil ik de hele dag zo blijven liggen. Toch weet ik inmiddels dat ik me daar ook niet beter van ga voelen. Maar die stap om eruit te gaan is zo groot. Vreemd, ik ben helemaal geen passief type. Maar bestaan er geen ‘vrolijk-en-monter-opstaan’-pilletjes?’ Ze lacht.
Zweetdruppels parelen nu op haar neus. Ze doet haar sjaal los en hangt haar rode jack over de rug van de stoel. De dokter observeert de vrouw die ondertussen wappert met een tijdschrift.
’Ben je eenzaam?’ De dokter kijkt de vrouw onderzoekend aan.
De vrouw oogt verbaasd. ‘Nee, helemaal niet. Ik spreek elke dag wel iemand en ik zie ook regelmatig vrienden, mijn kinderen of familie. En die gesprekken gaan ook ergens over. Ik bedoel, het zijn geen oppervlakkige conversaties. Vanochtend bedacht ik me wel dat ik veel alleen ben. Ik hou van alleen zijn, maar misschien wel niet zoals nu. Ik mis soms een vanzelfsprekende aanwezigheid, ja, dat zou het wel eens kunnen zijn. Ik verzin ook maar wat’.
De dokter knikt. ‘Je hebt geen werk nu. Dat maakt mensen vaak onzeker en verdrietig. Zou dat mee kunnen spelen?’
De vrouw haalt haar schouders op. ‘Ik weet alleen maar dat ik het niet weet. Ik weet soms niet meer waarom ik ben wie ik ben’.
De dokter knikt de vrouw vanachter zijn tafel vriendelijk toe. Hij neigt iets naar voren over de tafel. ‘Volgens mij ben je in de overgang. En die gaat dus over’.
‘Zo, aha’ zegt de vrouw, ‘En wanneer dan?’
‘Kijk naar uw eigen moeder, dat is meestal een indicatie’ informeert hij haar.
‘Nou, ik heb alleen haar definitieve overgang goed kunnen bekijken, zegt die ook iets?’
De dokter en de vrouw kijken elkaar nu onbewogen aan.
Zacht zegt de vrouw: ‘Sja’.

TaBa

cychick
Laatst aanwezig: 13 weken 5 dagen geleden
Sinds: 1 Aug 2010
Berichten: 704

De tuinstoel

Maaike strijkt met haar hand over het hout van de armleuning. 'Au!'
Robert kijkt verstoord op. 'Wat is er?'
Ze houdt haar middelvinger voor hem omhoog. 'Een splinter. Dat is er.'
Hij legt zijn boek weg, buigt zich naar haar toe en reikt haar de hand. 'Laat me eens kijken.'
Ze keert zich van hem af en begint aan haar vinger te pulken. 'Ik los het zelf wel weer op.'
'Dan niet.' Zuchtend pakt hij zijn boek van de tafel en gaat met zijn wijsvinger na waar hij gebleven was.
'Weet je,' zegt ze, haar blik strak op de pijnlijke vinger gericht, 'als jij het tuinmeubilair nou eens fatsoenlijk bij zou houden, dan was dit niet gebeurd.'
Hij legt zijn boek op zijn bovenbenen. 'En wanneer zou ik dat dan moeten doen?'
In een ruk draait ze haar hoofd naar hem toe. 'Wat dacht je van deze middag?'
Hij staart haar met open mond aan. Zijn wangen kleuren roze.
'Zit nou maar niet zo dom te kijken,' vit ze. 'Je weet best wat ik bedoel.'
'Zie je dan niet dat ik aan het werk ben?' zegt hij op hoge toon.
Ze maakt een afkeurend geluid. 'Werk? Je zit een boek te lezen, man!'
'Dit is ook werk, Maaike. Door te lezen vergroot ik mijn kennis op het gebied van schrijven. Ik dacht dat je dat begreep.' Hij legt zijn handen aan weerzijden van het opengeslagen boek.
'O, ik begrijp het best,' zegt ze op harde toon. 'Dat je om jezelf te ontwikkelen tot in de vroege uurtjes achter een laptop op zolder doorbrengt is tot daar aan toe, maar dat je je op een mooie lentemiddag als deze niet even samen met mij wat aan de tuin kunt doen, ja, dat vind ik jammer.' Ze strijkt een loshangende lok achter haar oor.
Hij laat zijn blik over haar lichaam glijden. Op haar wang en shirt zitten donkere vegen, in haar korte broek een scheur. 'Wat heb je gedaan?'
'Ik heb die fruitboom uitgehaald, weet je wel, met die ziekte waar ik laatst over vertelde.'
'O.' Zijn blik glijdt af naar de letters op het papier. 'Dus je bent klaar?'
Een harde lach ontsnapt uit haar mond. 'Klaar? O, man, je hebt geen idee. Geen enkel idee.' Ze krabt aan haar vinger. 'Ha, hij is eruit!' Ze zet haar handen in haar zij. 'Nou, ik ga maar verder met mijn werk. Ga jij vooral door met het jouwe. Wat voor literair kunstwerkje heb je trouwens nu weer in handen?'
Hij kijkt haar zijdelings aan. 'Een bestseller schrijven voor Dummies.'

DieMans
Laatst aanwezig: 19 weken 19 uren geleden
Sinds: 7 Apr 2013
Berichten: 7

Het gesprek

Mariska zat op de bank en Henk stond ongeveer drie meter van haar vandaan. Hun gezichten stonden niet echt vrolijk. En daar was alle reden toe.
Henk: “Hoe zo zitten we niet op de zelfde golflengte? Ik had je toch van te voren gezegd dat ik het zo zou doen! Het was notabene jou eigen suggestie dat ik het op deze manier moest doen?” Mariska: “Ja maar op deze manier wil ik het dus absoluut niet over sex hebben met je! Jij wil alleen maar sex als het jou uitkomt! Je houd nooit eens rekening met mij of de omstandigheden waar ik in verkeer! Ik heb ook een drukke baan en dat vreet aan me! Hoor je me!” Henk: “Nu begin je weer over die werkdruk van je..Tuurlijk weet ik dat je het druk hebt... maar daarvoor praten we nu toch.. om er uit te komen..anders doe ik het gewoon anders..dan probeer ik het vanavond nog een keer en dan moet jij maar kijken of het dan beter uitkomt voor je!” Mariska: “Vanavond al?.. hou op zeg..ik zei je toch al dat jij nooit rekening houdt met mijn werk en de omstandigheden waar ik in verkeer...mijn hoofd staat er dan absoluut niet naar..bovendien is mijn broer hier!” Henk: Morgenavond dan...er moet toch wel ergens ruimte zijn..het kan toch niet zomaar zo zijn dat het dan helemaal niet meer doorgaat tussen ons? Het is voor mij harstikke belangrijk.. Ik heb het zo nodig..al is het maar 1 keer in de week!” Mariska: “Op donderdagavond dan... maar dan moet daarna het gezeur wel over zijn!” Henk: Ja..verdomme.. wat is dit nou?? Nou als je zo gaat beginnen dan hoeft het voor mij ook helemaal niet meer...flikker nou toch op!! Mariska: “Nou dan niet...dan houdt het voor mij ook gewoon op.. Dan kap ik ermee!! Dan ga ik bij je weg en zie je me nooit meer terug!...Nou doei! Het gaat je goed!” Henk: “ Jemig..jij weet echt alles op de spits te drijven zeg..!.Nee nou dit hoeft van mij dan ook niet meer ...hier schiet ik gewoon ook helemaal niks mee op! Jij hierbij dus ook de groeten!”
Plots keken Henk en Mariska elkaar diep in de ogen aan. En beiden beëindigden toen allebei ieder hun eigen telefoongesprek.