Pod is here to stay

    Pod is here to stay

    Fragment uit het hoofdartikel van Schrijven Magazine 3 van 2008

    Print on demand (pod) is een techniek waarmee je als schrijver eenvoudig en goedkoop kunt publiceren, zonder uitgever. Arjan van den Berg enquêteerde auteurs uit de Schrijven Online-gemeenschap en kwam tot opmerkelijke conclusies. ‘De mythe dat alle pod’ers gefrustreerde schrijvers zijn die hun manuscript elders nergens kwijt kunnen, blijkt niet waar te zijn.’

    Pod kwam, zag, en zal niet snel meer verdwijnen. Dat is de conclusie die we kunnen trekken uit de enquête die Schrijven Magazine en Schrijven Online onlangs hielden. Print on Demand (pod) is de pioniersfase voorbij en zal in de toekomst veelvuldig worden gebruikt. Maar makkelijk is het niet voor schrijvers, want de hoeveelheid aanbieders van dergelijke services is enorm. Gelukkig komt er wel een aantal van deze bedrijven bovendrijven en begint zich een soort top-7 af te tekenen. Daarover later meer.

    Pod is een techniek die in de jaren negentig werd ontwikkeld. De digitale druktechniek zorgt ervoor dat je boeken pas gaat afdrukken en binden als er een bestelling binnenkomt. Met behulp van moderne laserdrukapparaten en bindsystemen kunnen moderne drukkerijen en andere dienstverleners boeken per stuk afleveren. Dit wordt ook wel Publishing on demand genoemd. Feitelijk is dat een vreemde naam, want je geeft niet iets uit nadat men ergens om gevraagd heeft, maar je drukt pas af na een bestelling. Vandaar dat Print (of Printing) on Demand de correcte term is.

    De techniek zorgt er voor dat je als schrijver bij een bedrijf als Gopher, Lulu, Mijneigenboek of Kirjaboek je eigen boek kunt ‘uitgeven’ tegen niet al te hoge kosten. Sinds Gopher uit Groningen midden jaren negentig als eerste een uitgeverij en een pod-service begon, is de techniek schoorvoetend onderdeel geworden van het Nederlandse schrijflandschap. Waar je vroeger nog heel wat strapatsen moest uithalen om je eigen boek bij een drukker te laten drukken, daar kun je nu met één druk op de knop je manuscript tot een pod-uitgave laten maken.

    Nu dat probleem is opgelost, doet zich een andere voor: welke pod-service is geschikt? Welke heeft de beste service, welke de beste prijs-kwaliteitverhouding, wie luistert het beste naar zijn klanten? Dat zijn de vragen waar veel schrijvers zich mee bezighouden, merken we onder andere in de Salon van Schrijven Online. Meer dan zeventig vragen en opmerkingen zijn inmiddels over dit onderwerp gesteld. ‘Wie is het wachten op een uitgever zat en overweegt dan maar in eigen beheer zijn manuscript uit te geven?’ vraagt Willem Jansen. En Anne: ‘Bij Lulu lijkt het erg eenvoudig, je volgt een stappenplan op je scherm en voila, je krijgt een week later je zending boeken. Maar is het wel zo eenvoudig en zit er nergens een addertje onder het gras? En hoe kun je kwaliteit vergelijken, eigenlijk moet je dan van al die pod-uitgeverijen eenzelfde soort boekje in handen hebben om het te bekijken.’

    Revolutie
    Een kleine dertig van dit soort bedrijven staat opgesomd in De Schrijfgids van Schrijven Online. Om inzicht te krijgen in hun kwaliteiten, verstuurden we op 22 februari jl. een enquête naar de abonnees van Schrijven Online Memo – de (gratis) nieuwsbrief van de site. Van deze ruim 1600 abonnees bekeken zo’n 850 in de daaropvolgende week deze enquête, en daarvan stuurde een kleine 100 deze ingevuld terug: een respons zo’n 12 procent. (Helemaal niet slecht als je weet dat de gemiddelde respons van een enquête tussen de 5 en 10 procent ligt.)

    Dan de uitslagen. Waar we naar op zoek waren, was natuurlijk hoezeer pod tot de schrijverscultuur is doorgedrongen, en welke services en bedrijven in deze lastige markt komen bovendrijven. Wat het eerste betreft: het grootste deel van de geënquêteerden (zo’n 70 procent) geeft aan nog nooit gebruik gemaakt te hebben van een pod-service. Een ruime helft van deze groep denkt ook in de toekomst geen gebruik te maken van een dergelijke service. Dit vooral omdat het nut van pod niet in wordt gezien. Een typische respons van een van de respondenten: ‘als uitgeverijen er niets in zien, zal het boek wel niet goed zijn’. Ook wordt vaak gemeld dat men er zich nog niet heel erg in verdiept heeft.

    Je kunt het ook omdraaien: de helft van deze groep nog-niet-gebruikers zal in de toekomst wél van pod-dienstverleners gebruikmaken als deze doen wat ze beloven. En dat is een opmerkelijk hoog aantal. Ga maar na: als daadwerkelijk de helft van de ‘amateurschrijfwereld’ (pardon le mot) – die in onderzoeken wordt geschat op 500.000 tot 1,2 miljoen – in de toekomst gebruik wil maken van pod, dan staan we nog maar aan het begin van de pod-revolutie. Voorlopige conclusie: pod is here to stay.

    Top 7
    Van welke service zullen deze toekomstige pod-gebruikers gebruikmaken? Volgens de enquête zal dit waarschijnlijk allereerst Lulu zijn, die maar liefst zeven keer werd genoemd (‘het is de enige die ik ken’), gevolgd door Free Musketeers (vijf vermeldingen, ‘positieve ervaringen van de omgeving’) en Boekenbent (4 keer genoemd, ‘positieve ervaringen’). En in mindere mate voor Gopher (3x) of De uitgeverij (2x).

    Zoals gezegd: dit zijn alleen de toekomstige gebruikers. Hoe is de stemming onder hen die al eerder van een pod-service gebruik hebben gemaakt? Bij dit dertigtal gebruikers komt het hiervoor genoemde rijtje deels terug, zij het in een net iets andere volgorde. Free Musketeers blijkt het meest gebruikt (7 vermeldingen, vooral vanwege de prijs), gevolgd door Lulu, Boekenscout en Kirjaboek (alledrie 4 keer genoemd), Gopher (3 keer) en Gigaboek en Boekenbent (beide 2 vermeldingen). Opvallend zijn vooral de niet in onze eigen lijst opgenomen pod-services als Mijnboek.be en Digitalis (beide 1 keer), terwijl veelgenoemde pod-dienstverleners als Boekenmaker, Maakmijneigenboek, Totemboek en wwaow niet genoemd werden. Maar daarvoor is het aantal van zo’n 30 pod-gebruikers waarschijnlijk te weinig. Conclusie: er lijkt zich ook hier een top-7 te vormen van pod-bedrijven: Free Musketeers, Lulu, Boekenscout, Kirjaboek, Gopher, Gigaboek en Boekenbent.