Start » Oefening » Verhaalspanning

Verhaalspanning

Nummer een tot en met vijf – de spannende boeken van Dan Brown (Da Vinci Code) namen lange tijd alle plaatsen van de boekenverkooptopvijf in. Zijn geheim: spanningsopbouw. Leer in zes schrijfoefeningen hoe dat gaat.

Deel 1: Pagina's omslaan

‘Dan Brown kan niet schrijven. Zijn stijl is armetierig en zijn personages zijn van bordkarton.’ Aldus een scherpe recensent, die probeerde het succes van de Amerikaanse thrillerschrijver te dempen. Toch moest hij Brown in één aspect het voordeel van de twijfel gunnen: spanningsopbouw. ‘Die man weet van elk boek een pageturner te maken.’
Wat is dat spanning en waarom werkt het zo goed? Spanning is een van de wezenskenmerken van literatuur – van epische romans tot gedichten. Zonder spanning val je als lezer gapend in slaap. ‘Thrillers’ noemen de Engelstaligen de écht spannende boeken, een woord afgeleid van ‘to thrill’ – ontroeren, aangrijpen, huiveren.

Oefening:

Lees enkele verhalen (waaronder een jeugdverhaal en enkele spannende) en probeer te analyseren waardoor verhalen spannend worden. Wat zijn de technieken die schrijvers gebruiken om je te laten ‘huiveren’, het verhaal te laten aangrijpen, je te ontroeren? Hoe laten ze je de pagina’s omslaan? Zet de technieken onder elkaar en beschrijf minutieus hoe de schrijvers ze gebruiken. Kies er nu een uit, die je het meeste ligt en schrijf een verhaal waarin je deze techniek volop gebruikt.


Deel 2: Het verkeerde been

Als je goed kijkt naar de technieken die schrijvers gebruiken om je de pagina’s van hun boeken om te doen slaan, dan zie je dat er in feite verschillende soorten spanning bestaan. Soms ben je zo door een personage gegrepen dat je al z’n tegenslagen persoonlijk aan gaat trekken en van harte hoopt dat de misère snel voorbij is. Met dit soort ‘emotionele spanningen’ werken veel schrijvers van psychologische romans – van ‘De Graaf van Monte Christo’ (Alexandre Dumas) tot ‘Hokwerda’s dochter’ van Oek de Jong.
Bij Dan Brown en andere thrillerschrijvers is dit veel minder het geval: de personages zijn niet boeiend genoeg en de spanning komt dus uit iets anders – het verhaal zelf, de plot. Vaak appelleren deze verhalen aan de puzzelbereidheid van lezers. Ze houden informatie achter en laten de lezer meedenken (om ze vervolgens weer op het verkeerde been te zetten). Dit noemen we vaak ‘intellectuele spanning’.

Oefening:

Lees een spannend verhaal of boek (bijvoorbeeld een thriller) en probeer er achter te komen welke informatie de schrijver welbewust achterhoudt. Analyseer dit. Schets vervolgens zelf een plot, waarin je telkens probeert je lezer met kleine stukjes informatie te voeden, waarna je ze op het verkeerde been zet.


Deel 3: Tandje hoger, steeds hoger

‘Spanning’ is volgens veel schrijvers een verkeerd woord en ze gruwen van de literatuurlesjes op de middelbare school waar naar ‘de spanningsopbouw’ wordt gevraagd. Beter is het, volgens hen, om te spreken van ‘spankracht’: je verhaal moet over de gehele lengte spankracht bezitten: elk onderdeel voegt weer iets toe aan het geheel, zodat je – als ware het een brug – een complete leeservaring overstijgt. Dé manier om dit te doen is volgens deskundigen van te voren precies te weten wat je wil schrijven. Pas doen kun je bepalen welke element waar komt te staan.
Een van de mogelijkheden die je bijvoorbeeld hebt, is het ‘spel’ dat je personages spelen steeds serieuzer te maken. Tandje erbij, en nog een: hoger, steeds hoger. Veel romans en verhalen beginnen dan ook tamelijk laconiek (prettig om te lezen ook), waarna ze de inzet van het spel langzaam verhogen. Bij ‘De Da Vinci Code’ gebeurt dat ook: hoofdpersoon Robert Langdon is eerst alleen getuige-deskundige, vervolgens voortvluchtige, en op het laatst zelfs een soort redder van de mensheid.

Oefening:

Beschrijf een plot dat opgebouwd is als een spanbrug: telkens voeg je weer een element toe, maak je het verhaal nét iets complexer en serieuzer. Vergeet daarbij niet om eenvoudig te beginnen: zet niet te hoog in, geef je personage de ruimte om bij de lezer ‘op schoot te nestelen’ en maak het vervolgens beetje bij beetje steeds lastiger voor hem.
Probeer nu de ‘vijfminutentest’: probeer je plot in vijf minuten te ‘verkopen’ aan een huisgenoot, schrijfvriend(in) of – waarom niet – een uitgever. Probeer ze in die korte tijd te overtuigen van je spannende verhaal. Lukt dat, dan heb je iets goeds in handen.


Deel 4: Vertraging en versnelling

Een van de belangrijkste technieken bij het opbouwen van spanning is vertraging en versnelling. In principe werkt het zeer eenvoudig: hoe spannender de actie, hoe meer je mag vertragen. Als je lezers op het puntje van hun stoel zitten, mag je uitwaaieren wat je wil – ze blijven toch wel doorlezen. Sterker nog: zulke vertragingen werken spanningopvoerend. Andersom mag je bij minder spannende delen rustig versnellen: een paar dagen overslaan, samenvatten, alleen de grote lijnen weergeven.
Al met al moet je er voor zorgen dat er een soort eb en vloed van spanning ontstaat. Spanning en rust moeten elkaar afwisselen – als je een actiescène met veel spanning achter de rug hebt, moet je je lezer ook de rust gunnen om even bij te komen. Naarmate de spanning stijgt moeten de rustmomenten korter worden.

Oefening:

Bedenk welke ‘rustmomenten’ goed zijn voor je spannende verhaal. Moet je personage na een heftige actie rustig voor zich uit staren en peinzen over de gebeurtenissen, of is de beschrijving van een wandeling langs de rivier voldoende? Kijk hoe andere schrijvers dit doen. Schrijf een aantal technieken en mogelijkheden op en streep de ergste clichés door.
Schrijf vervolgens een verhaal, waarin je spanning en rust afwisselt.


Deel 5: De klok tikt

Veel spannende verhalen barsten van de clichés, maar geen nood, want goede clichés zijn nooit weg. Neem de tikkende klok. Als een lezer weet dat je personage nog maar vijf minuten heeft om iets te doen (een gebouw verlaten, een atoombom uitschakelen, naar de trein rennen om de vertrekkende geliefde tegen te houden), dan zal hij pagina’s blijven omslaan. Vrijwel alle James Bonds werken zo, en minstens een kwart van de Amerikaanse thrillerfilms is opgebouwd rond een tikkende klok – in welke gedaante ook.
Wat er onder schuilt is – heel simpel – tijdsdruk. Ook hier geldt: voer de druk langzaam op. Verzin telkens een nieuwe belemmering die het je personage lastig maakt, maar geef je lezers ook telkens de indruk dat het nog nét kan. Als alles uitzichtloos is, zullen weinigen verder lezen.

Oefening:

Bedenk een plot voor een spannend verhaal waarin tijdsdruk (de tikkende klok) een belangrijke rol speelt. Probeer het cliché van de tikkende klok zélf te omzeilen, maar bedenk een duidelijk doel dat je personage wil halen, en voer de belemmeringen (die dat doel tegengaan) langzaam en subtiel op. Bedenk hoe je het verhaal zou willen uitwerken (schrijf zoveel mogelijk in de tegenwoordige tijd, bijvoorbeeld, het liefst niet in de ik-vorm) en werk het uit. Lees voor aan vrienden en bekenden en let op hun reacties.


Deel 6: Literaire spanning

Spanning is niet het exclusieve bezit van thrillers en andere spannende boeken. Ook ‘gewone’ verhalen, romans en novelles maken gebruik van spanningsverhogende elementen. Dat zit soms in personages (en vooral de tegenstelling tussen personages), soms in dialogen, vaak in de stijl en nog vaker in het verhaal – de plot. Zelfs bij experimentele literatuur kan spanning worden opgewekt. Zo schreef Dirk Ayelt Kooiman ‘Een romance’, dat op geen enkele manier bij de ‘spannende boeken’ valt in te delen. Toch is het verhaal bij tijd en wijle spannend te noemen. Kooiman: ‘Ik had geen idee waar ik uit zou komen met m'n ‘verhaaltje’. Daar gelden de vragen, die ook steeds gesteld worden, van: ‘hoe moet het nou verder’ echt zowel voor de hoofdpersoon van het boek, voor de schrijver zelf, en hopelijk ook voor de lezer die zich er in wil verdiepen. Wanneer het boek spannend is, en sommige mensen vinden dat, dan is het juist deze eigenschap die de spanning uitmaakt.’

Oefening:

Schrijf een spontaan verhaal rondom een ‘klein gegeven’. Denk niet na over de afloop. Beschrijf onder het schrijven ook je twijfels, je zoektocht naar je verhaal. Laat je verbeelding en schrijfgevoel de vrije loop en kijk op welke onverwachtse plotwendingen en verhalen je uit komt.
Werk het verhaal vervolgens bij, leg het weg en lees het een paar uur later. Wat leer je hier van? Lees het ook voor aan anderen en let op hun reacties.



Heb je een tip voor een onderwerp van een schrijfoefening? Stuur dan een mailtje hier.

Meld je aan voor de Schrijven Nieuwsbrief.

Het is gratis!

Door ervaren, professionele redacteuren. Goed én betaalbaar!

Meer informatie
Moleskine cadeau? Neem nu een abonnement op Schrijven Magazine!

Gratis Moleskine opschrijfboekje bij een abonnement op Schrijven Magazine!

Bestel nu!

Intensieve online cursussen. Goed én betaalbaar!

Meer informatie