Verliefd zijn op je onderwerp

    Over het schrijven van een boek - Verliefd zijn op je onderwerp

    Door Arita Baaijens

    Aanleidingen genoeg om een boek te schrijven, zo ondervond Arita Baaijens. Maar hoe zoek je het juiste idee, hoe vind je de beste weg?

    Als debutant leef je nog in een roze wolk. Je denkt niet verder dan het moment dat je boek in de winkel ligt. Het tweede boek is al een heel ander verhaal. Dan weet je inmiddels meer over het korte leven dat je lieveling is beschoren. Het gros van de boeken wordt na een kort leven doorgedraaid, net als overtollige groente op een veiling. Het resultaat van maanden toewijding ligt eerst een week of wat ‘plat’ in de boekwinkel. Dan volgt een onzichtbaar verticaal bestaan op een plank. En sneller dan je had voorzien is het prachtige boek dat een bestseller zou worden nergens meer te krijgen.

    Kun je nagaan hoeveel prikkels een schrijver nodig heeft om, zoals ik, een vijfde boek te willen maken. Ik ben niet zo iemand die stug doorschrijft, of mensen mijn boeken nu lezen of niet. Mij krijg je alleen het schrijfhok in als ik verliefd ben - en blijf - op mijn onderwerp. Tenslotte ben ik jaren bezig met onderzoek, reizen, notities maken. Dan acht maanden schrijven en interen op spaarcenten. Al die energie en moeite… breng ik niet op voor een paar weken exposure. Maar ben ik geïntrigeerd door een gebied of een onderwerp, dan is geen berg te hoog of een woestijn te groot. Dan reis en speur ik net zolang tot ik alles weet wat er te weten valt, leg daarna mijn sociale leven stil en spreek mijn spaarvarken aan om in alle rust te schrijven.

    Dronken herders
    Maar wat doe je als schrijver wanneer zich geen verliefdheid aandient? Uitgekeken op zand en kamelen ging ik op zoek naar iets anders. Maar wat ik ook probeerde, een project of idee beklijfde nooit. Zo reisde ik in 2006 naar Kirgizië in Centraal Azië. Prachtig land, overweldigende natuur, ontvoerde bruiden, dronken herders te paard, mijn hart klopte wel sneller maar niet snel genoeg voor een boek. Naar het noorden van Siberië dan maar. Afgelegen, grillige natuur, uitgestrekt genoeg om te kunnen verdwalen, rendiernomaden. Maar exotische rendiernomaden bleken favoriet bij schrijvers en fotografen, merkte ik na een zoekronde. Daar hoefde ik me natuurlijk niets van aan te trekken, maar zo zonder obsessie en focus leek het me niet verstandig in de verse voetsporen van anderen te treden.

    ‘Ga mee met kamelen door Namibië,’ lokte een Zwitserse fotograaf per email. Ik vloog naar zijn boerderij in de Zwitserse bergen en hoorde hem uit over het plan. Drie dagen was ik enthousiast en droomde over immense zandduinen, woestijnleeuwen en de Skeleton Coast. Maar in het vliegtuig terug naar Amsterdam wist ik: “Nee, niet weer zand en kamelen.”

    Het aanbod om per kameel door het Lege Kwartier (Arabisch Schiereiland) te zwerven wees ik om die reden ook van de hand. Net als een expeditie door de Rode Zee bergen in Oost Egypte. ‘Nee,’ zei ik tegen een Zweedse avonturier die me meevroeg op een woestijnexpeditie dwars door de Sahara. Het aanbod kwam zo’n tien jaar te laat.

    Belucha
    Groenland kwam in the picture. Een prachtige reis met een getalenteerde fotograaf. Dat leek me wel wat. Maar helaas, dat verdomde stemmetje in mijn hoofd begon weer te zeuren. Het fluisterde dat ik nooit en te nimmer warm zou lopen voor de plannen van een ander. Er zat niets anders op dan mijn eigen weg te gaan, maar hoe en wat en waarheen?

    De documentaire ‘Djenghis Blues’ over de blinde blueszanger Paul Pena leidde me naar de Tuva republiek, een knotsknettergek staatje in zuidwest Siberië. Temidden van sjamanen, getaande herders, keelzangers en wodka-zuipers roerden zich eindelijk vlinders in mijn buik. Een tocht te paard, bedacht ik, van het heilige Baikalmeer dwars door Tuva naar de heilige berg Belucha in de naburige Altai-republiek. Eureka!

    Jojoën
    Maar na een half jaar was ook die bevlieging over. Doodmoe werd ik van mijn jojoënde brein. In die tijd stopte ik ook nog met roken, met als gevolg dat ik niet meer kon schrijven. Met de gedachte dat ik altijd nog verliefd kon worden op een rijke man, hield ik mijn paniek onder controle. Op mijn leeftijd zou dat nog een hele kunst zijn, maar als ik aanbood overhemden te strijken en monologen aan te horen zou het misschien nog lukken.

    Gelukkig is mij dat lot bespaard gebleven. Anderhalf jaar geleden sloeg de bliksem in tijdens een rit te paard door de ruige Altai-bergen in zuidwest Siberië. Ik was compleet gelukkig tussen die ijzige bergpieken. En daarmee was de kiem voor een nieuw boek gelegd. Al wist ik dat toen nog niet.


    Overzicht van alle Over het schrijven van een boek artikelen...