Woutertje Pieterse Prijs 2011 voor Benny Lindehauf

Benny Lindelauf heeft de Woutertje Pieterse Prijs 2011 gekregen voor ‘De hemel van Heivisj’. Aan de Woutertje Pieterse Prijs is een oorkonde en een bedrag van 15.000 euro verbonden. Deze prijs voor kinder- en jeugdboeken werd daarmee voor de vierentwintigste keer uitgereikt. ‘De hemel van Heivisj’ is uitgegeven door Uitgeverij Querido. Lindehauf Benny Lindelauf (Sittard, 1964) luisterde vroeger graag naar de verhalen die zijn oma vertelde. ‘Mijn oma was de vertelster van onze familie. Ze vertelde graag over haar jeugd. Daarbij overdreef ze graag. […] Ook vertelde ze graag sprookjes, maar die gingen nooit zoals het moest. Zo kreeg bijvoorbeeld de wolf die de zeven geitjes wilde opeten een enorme oplawaai van Sneeuwwitje. Ik denk dat ik die eigenwijze verhalen van haar geërfd heb.’ Toen hij ouder was ging hij naar de Theaterschool in Amsterdam. Hij speelde en danste in verschillende (jeugd)theaterproducties. Maar als hij even niets te doen had ging hij, geïnspireerd door de verhalen van zijn oma, zitten schrijven. Inmiddels heeft Benny Lindelauf van schrijven zijn beroep gemaakt en geeft hij er les in. Zijn eerste boek 'Omhoogvaldag' verscheen in 1998. Daarna volgden onder meer 'Schuilen in een jas' en 'Negen Open Armen'. Voor dat laatste boek ontving hij de Gouden Zoen 2005 en de Thea Beckman Prijs 2004. 'Negen Open Armen' is vertaald in het Duits en Frans. Benny Lindelauf houdt van theater en schrijft regelmatig teksten voor jeugdtheatergezelschappen. Juryoordeel ‘De hemel van Heivisj’ wist ons meteen en unaniem te verleiden, te charmeren, te ontroeren en te intrigeren. Een meerstemmig verhaal is het, boordevol grote en kleine verhalen, en een magistrale ode aan de vertelkunst. Een overrompelend boek ook, dat zich niet onder één noemer laat vangen. Het koestert je genereus in een warm familienest, het betovert je onweerstaanbaar met zijn magische, haast mythologische sfeer, het maakt je veel wijzer in een stuk vaderlandse geschiedenis, het neemt je mee naar het hoofd en het hart van een opgroeiend meisje, én het laat je rondstruinen op de weggetjes en straten van een provinciaal stadje en in de huizen van de bizarre bewoners. Een streekroman, een familiesaga, een oorlogsverhaal, een coming-of-age-boek, een magisch-realistische roman, vroegen we ons af? Vijf in één, vonden we. Vijf halen één betalen! Daarom alleen al is dit boek een huzarenstuk. Maar er is meer, veel meer. Al die verhaallagen en uitgezette lijntjes lopen in een perfecte regie in elkaar over en vallen aan het eind rimpelloos in de plooi. De schrijver speelt meesterlijk met subtiele verwijzingen naar wat komt en naar wat voorbij is en houdt de compositie stevig in de hand. Zijn onvergetelijke personages zijn springlevend en verbluffend authentiek. Voorspelbare clichés en melige dramatiek kom je hier niet tegen. Je gelooft wat je leest, en daar gaat het om in echte literatuur. Dit is geen opdringerige mooischrijverij, maar grote literatuur, in een hoogst originele stijl en taal opgeschreven: sober en gedoseerd, direct en poëtisch, sfeervol, geestig en suggestief. De krachtige beelden, de verrassende en treffende formuleringen en de levensechte dialogen staan steeds in dienst van het verhaal. Adembenemende scènes zijn het. We kunnen nog uren doorgaan met navertellen en prachtige citaten liggen voor het rapen. U moet dit allemaal dringend lezen!

Bron

http://www.woutertjepieterseprijs.nl/WPP/2011/winnaar_11.htm